Taal100

Met Taal100 de praktijk van het taalonderwijs op school blijvend verbeteren

Taal100 is een werkwijze waarmee het hele schoolteam het taalonderwijs onder handen neemt. De werkwijze is gebaseerd op het in Boston ontwikkelde Collaborative Coaching and Learning (CCL). Met CCL werken leerkrachten aan hun eigen vaardigheden door kennis van effectieve didactiek te verwerven, ervaringen te delen, praktijkopdrachten uit te voeren en met elkaar in discussie te gaan. 

 

Een doorgaande leerlijn

Taal100 brengt een heldere doorgaande leerlijn van groep 1 tot en met 8 tot stand, omdat het hele team gezamenlijk en gelijktijdig aan werkt aan hetzelfde onderwerp, vanuit dezelfde basisdidactiek. De scholingsbijeenkomsten hebben altijd een plenair gedeelte, zodat leerkrachten aldoor zicht houden op de doorgaande lijn. Daarnaast wordt er gescheiden in onder- en bovenbouw verdiept en geoefend, zodat er binnen de doorgaande lijn voldoende aandacht is voor de specifieke kenmerken per bouw.

 

Zelfprofessionalisering

Door het lezen van vakliteratuur uit De Taallijn, het Taal100-boek en andere bronnen, raken leerkrachten op de hoogte van recente ontwikkelingen in het taalonderwijs, leren zij welke didactiek het meest effectief is en hoe zij hun eigen didactiek kunnen bijsturen. Tijdens de bijeenkomsten wordt veel kennis en ervaring gedeeld. Leerkrachten kijken ook met elkaar mee in les door middel van filmopnames van praktijkopdrachten. Tijdens het traject worden een of twee interne Taal100-coaches toegerust om, na afloop van het traject, zelf de Taal100-aanpak te kunnen toepassen, zodat het team zichzelf verder kan professionaliseren op een ander taaldomein. De coaches worden toegerust in het observeren van taallessen en het geven van feedback en krijgen hiervoor instrumenten ter beschikking.

 

Hoe ziet het traject eruit?

Het traject omvat in principe 5 scholingsbijeenkomsten van een dagdeel elk. Hieronder een voorbeeld van een mogelijk traject rond begrijpend luisteren en begrijpend lezen (de precieze keuze komt tot stand in overleg met de school):

  1. De doorgaande lijn begrijpend luisteren – begrijpend lezen groep 1-8
  2. De basisdidactiek toepassen bij voorlezen en bij begrijpend lezen (oefenen met teksten)
  3. De basisdidactiek toepassen bij de zaakvakken (bovenbouw) en bij het voorlezen van informatieve boeken (onderbouw)
  4. Leesbevordering als noodzakelijke impuls voor begrijpend luisteren/lezen 
  5. Afronding didactiek en praktijkopdrachten, evaluatie en borging

Na elke scholingsbijeenkomst krijgen de leerkrachten een praktijkopdracht en vakliteratuur om zich voor te bereiden op de volgende bijeenkomst. De Taal100-coaches komen observeren bij de uitvoering van de praktijkopdrachten: er is een voorgesprek, een klassenbezoek en een nagesprek. De interne Taal100-coach is hierbij aanwezig en leert zo hoe de Sardes-experts dit aanpakken. Wij hebben hier zeer positieve ervaringen mee. Wij vragen leerkrachten of coaches ook enkele keren om video-opnamen te maken, om te gebruiken tijdens de scholingsbijeenkomsten. Ook dit blijkt een krachtig onderdeel van de Taal100-aanpak.

 

Organisatie

Voor de duur van het traject wordt een Taal100-werkgroep geformeerd, die bestaat uit de schoolleider, de taal- of leescoördinator, de interne Taal100-coaches en de twee Sardes-experts. Idealiter zijn er twee Taal100-coaches – een voor de onderbouw en een voor de bovenbouw. Het ligt voor de hand om de taal/ leescoördinator aan te stellen als een van de Taal100-coaches. De belangrijkste taak van de werkgroep is de vinger aan de pols te houden bij het team en het draagvlak voor het traject te bewaken. De werkgroep komt voorafgaand aan de start van het traject en daarna na iedere scholingsbijeenkomst bijeen. 

 

Interesse?

Neem contact op met één van onze experts of bestel het boek

 

Meer weten?