Naar een hoger taalniveau voor inburgeraars: van A2 naar B1

14 oktober 2021

De afgelopen jaren is gebleken dat taalniveau A2 voor inburgeraars vaak te laag is om een geschikte baan te vinden. In de nieuwe inburgeringswet, die als doel heeft om inburgeraars zo snel mogelijk te laten participeren in de maatschappij, wordt de ambitie voor het te behalen taalniveau verhoogd van A2 naar B1. Een hoger taalniveau zorgt ervoor dat inburgeraars zich sneller thuis voelen in de Nederlandse samenleving. 

 

Pilot B1 route: van A2 naar B1

Om ervaring op te doen in het begeleiden van inburgeraars, van taalniveau A2 naar niveau B1, namen zes gemeenten deel aan de pilot ‘B1 route: van A2 naar B1’. Dit waren de gemeente Almelo, Delft, Kampen, Oss, ’s-Hertogenbosch en Sittard-Geleen. Gedurende 1,5 jaar werden zij gevolgd door onderzoeksbureau Sardes. Bekijk de video hieronder voor een toelichting op de pilot en lees de eindrapportage ‘Naar een hoger taalniveau voor inburgeraars’ (september 2021). 

 

Acht aanbevelingen voor gemeenten

Wat kunnen gemeenten en taalaanbieders doen om de kans van slagen van deelnemers zo groot mogelijk te maken? Die vraag stond centraal in ons onderzoek. Dit zijn onze acht aanbevelingen:

 

  1. Zorg voor een regievoerder in de samenwerking tussen en binnen (verschillende) gemeenten om de taaltrajecten voor inburgeraars tot een succes te maken.
  2. Benut de intake voor de inrichting van een taaltraject op maat; wat is het actuele taalniveau, wat wil de inburgeraar bereiken, wat past bij zijn niveau en ambitie, wat is een realistisch tijdpad? Gebruik dit om te bepalen in welk tempo een inburgeraar taallessen kan volgen, en pas daar het taaltraject op aan. 
  3. Zorg voor één aanspreekpunt voor de inburgeraar, die het inburgertraject begeleidt en overzicht houdt. Dit vergemakkelijkt de inburgering. 
  4. Laat taallessen zoveel mogelijk in homogene niveaugroepen aanbieden, met ook binnen de groepen mogelijkheden voor differentiatie naar aanbod, niveau en leertempo. Dit motiveert om het traject af te maken. 
  5. Zorg voor veel en gevarieerde leermomenten buiten de les in wisselende taalcontexten en sociale omgang met diverse personen die de Nederlandse taal machtig zijn (praktijklessen, excursies, taalmaatjes e.d.). 
  6. Creëer taalrijke plekken (stage, vrijwilligerswerk of baan) voor inburgeraars, in samenwerking met werkgevers en taalaanbieders. Houd hierbij als gemeente de regie. 
  7. Geef het leren van de Nederlandse taal bij de aanvang van het traject prioriteit. Later kan het verrichten van werk het leren van de Nederlandse taal bevorderen. Bekijk per individueel geval wanneer het een goed moment is voor het combineren van taal leren en werken. 
  8. Het bereiken van niveau B1 vraagt om een investering in inburgeraars, waarbij hen de tijd gegund wordt dit doel te bereiken. Voltijds of onregelmatig werk in combinatie met een druk gezinsleven kan daarbij belemmerend zijn, omdat dit het volgen van taallessen bemoeilijkt.


Lees het volledige rapport
over de pilots ‘B1-route: van A2 naar B1’. 

 

Meer weten over deze pilot?

Stel gerust een vraag aan Paulien Muller.